Terwijl buiten de lentezon de Maas aait, zitten in het Wereldmuseum in Rotterdam honderd mensen klaar voor de spreker die dit congres zal afsluiten: Ahmed Aboutaleb.
Waar andere sprekers deze dag spraken over klantbeleving, spreekt Ahmed Aboutaleb over Ahmed Aboutaleb. De welbespraakte oudburgemeester van Rotterdam is hier duidelijk niet voor ons, maar voor zichzelf. Zijn speech bestaat uit een aaneenschakeling van verhalen waarin hij steevast het slachtoffer (“Geen burgemeester is zoveel gepest als ik. Elke dag.”) of de weldoener (“Wat ik wilde in Rotterdam was voor de mensen het verschil maken.”) is.
Na bijna zestien jaar burgemeesterschap in Rotterdam is de onbescheiden Amsterdammer in hem goed hoorbaar in uitspraken als “Ik ben de meest vertrouwde persoon in de Nederlandse politiek” en “Ik ben de eerste eremarinier van Nederland”. Nergens klinkt relativering of zelfkritiek.
Geen woord over frauderende bouwambtenaren, geen woord over zijn leugen na een gesprek met de Liberaal Joodse Gemeente (LJG), geen woord over het negeren van de herhaalde waarschuwingen van de Rotterdamse Rekenkamer voor tekortkomingen in ambtelijke integriteit en onverantwoorde financiële risico’s van vastgoedprojecten.
Trots vertelt hij hoe hij regelmatig €20.000 aan contanten opneemt en ermee naar Marokko reist om daar bouwondernemers contant te betalen. Als ING in het kader van de Wet melding ongebruikelijke transacties navraag doet, belt Aboutaleb een hoge pief bij ING en zegt hem op dwingende toon: “Houd daar ‘s mee op!”
De wet geldt blijkbaar voor iedereen, maar niet voor Ahmed Aboutaleb.
“Als u terugkijkt op uw periode als burgemeester van Rotterdam, wat is dan uw grootste frustratie?”, klinkt het uit de zaal.
Aboutaleb haalt diep adem en denkt even na.
“Mijn grootste frustratie is dat het nieuwe stadion van Feyenoord niet doorging.”
Hiermee is eindelijk de vraag beantwoord of dat megalomane stadionplan er nou was voor Feyenoord of voor de burgemeester.
Wie goed luistert naar Ahmed Aboutaleb proeft nergens de liefde voor Rotterdam en de Rotterdammers. Wie goed luistert naar Ahmed Aboutaleb proeft vooral de liefde voor zichzelf.
Frans
