Woensdag 6 december 2017. In de Champions League-poule met Manchester City, SSC Napoli en Sjachtar Donetsk staat Feyenoord na vijf wedstrijden puntloos onderaan. Vanavond kan het tegen de Italianen de Rotterdamse eer redden. De wedstrijd is amper begonnen of Feyenoord staat al op achterstand. Voor rust wordt het gelijk. Tien minuten voor tijd krijgt Tonny Vilhena rood en moet Feyenoord met tien man verder. Nog enkele minuten, dan is dit Champions League-avontuur ten einde en is Feyenoord een schamel punt en een ervaring rijker.
Dan gebeurt er iets opmerkelijks. De Noordzijde besluit de ploeg nog één keer massaal toe te zingen. Het gezang gaat gepaard met een zee aan fakkels. Dit werkt aanstekelijk. Het Legioen gaat met zijn hele hebben en houwen achter Feyenoord staan. De spelers zetten aan voor een slotoffensief. In blessuretijd resulteert dit in het winnende doelpunt van Jeremiah St. Juste. De Kuip ontploft. Feyenoord wint met 2-1.
Tijdens de persconferentie prijst Feyenoord-trainer Giovanni van Bronckhorst het Legioen: “De laatste fase van de wedstrijd was bijzonder. Alle fakkels, de steun die het aan het team gaf en uiteindelijk ook in combinatie met de goal.” Naast hem zit perschef Raymond Salomon. Zijn bange ogen worden nog groter dan anders. Hoort hij het goed? Geeft Gio nou credits aan de supporters met hun fakkels? Zegt Gio nou dat zij daarmee het resultaat positief hebben beïnvloed waardoor de club meer geld binnenkrijgt? De perschef grijpt in en neemt het woord. Als een strenge schoolmeester die met rode pen een streep zet door Gio’s huiswerk, zegt Salomon geërgerd dat Feyenoord dit onder controle moet krijgen, want dat willen de UEFA en de KNVB. “En er zijn ook heel veel wedstrijden die wij helaas níet gewonnen hebben, ondanks fakkels.”
Gio hoort de preek van de perschef aan en zegt dan: “Dus niet meer doen, dat is de boodschap, toch?”
Zijn knipoog naar de aanwezige pers zegt meer dan duizend woorden.
Frans
