Tik op YouTube ‘Willem van Hanegem’ in en je bent uren zoet met voetbalgeluk. Bekijk de beelden van het WK ’74 en je ziet wie Oranjes dirigent is. Willem bepaalt het tempo en het ritme. De ene keer fortissimo, dan weer pianissimo. Hij waakt en wijst, strooit met geniale passes die bewijzen dat er zoiets bestaat als voetbalverstand. Willem gaat voorop in de strijd. De beelden van Nederland–Brazilië zijn niet voor tere kinderzieltjes.
Ik hoor bij de gelukkigen die Willem in de jaren zeventig en tachtig hebben zien spelen. Willem kan alles. Passen, koppen, stiften, zwoegen, slopen. Hij is niet van de bal te krijgen en met zijn gouden linker krult hij af en toe achteloos een vrije trap in de kruising.
Willem is stijflinks, wordt gezegd. Waarom zou je iets met rechts doen als links zo buitenaards goed is? Ze vergeten dat Willem op 20 januari 1974 met rechts scoort tegen FC Twente en dat hij dat op 9 maart 1975 op bijna identieke wijze doet tegen Ajax, beide keren op aangeven van Jørgen Kristensen. Waarschijnlijk doet Willem dit om verwarring te zaaien, want hij laat zich niet in een hokje stoppen.
Willem speelt met zijn tegenstanders, met scheidsrechters, journalisten en met zijn publiek. Hij trekt gekke bekken, maakt grappen of boze gebaren. Als hij moppert, doet hij dat met maar één doel: winnen.
Naast Willem de voetballer is er Willem de kindervriend, Willem de dierenvriend en Willem de vriend van iedereen die het moeilijk heeft en de gevoelige Willem die tegen zijn tranen vecht als het hem even te veel wordt.
Willem is altijd veel meer geweest dan een voetballer en later trainer. Hij is dirigent, zanger, interviewer, columnist en podcastmaker. Willem is een artiest, een levenskunstenaar die toevallig ook optrad in voetbalstadions.
Eén ding is Willem niet. Inwisselbaar. Nooit geweest ook.
Hoeveel verschillende Willems er ook lijken te bestaan, er is er maar een.
Dat kun je wel zien, dat is hij.
Frans
